03 Leren printen op textiel

Een belangrijk onderdeel van de opdracht is het printen op textiel. Aangezien dit een belangrijk onderdeel is bij het onderzoek naar het behoud van de geleiding en omdat dit ook terug komt in de videotutorials, is er in een vroeg stadium kennis gemaakt met het printen op textiel. Om hier bekend mee te raken, is aan mij gevraagd of ik een ontwerp met elektronica wil gaan printen. Dit ontwerp is in navolging van het onderzoek van Maurits Maks. Het ontwerp is geprint met de DIYS, omdat Maurits zijn onderzoek ook met deze printer heeft gedaan.

Aangezien ik nog geen ervaring had met het printen op textiel, zijn er eerst een aantal tests geprint op textiel voordat het daadwerkelijke ontwerp geprint werd. Er is begonnen met het printen van een simpel blokje op textiel. Aan de hand van deze test heb ik ontdekt dat bij de instellingen de Z offset moet worden aangepast. Met deze instellingen kan je de afstand beïnvloeden tussen de nozzle en het printbed.

Aangezien het te printen ontwerp een soort gootjes zijn waar een draad in gelegd kan worden, is er een testontwerp gemaakt dat dit nabootst. Er zijn twee vierkantjes ontworpen, waarbij er eentje iets kleiner is dan de andere. Deze vierkantjes zijn vervolgens in elkaar geplaatst. Doordat de ene iets kleiner is dan de andere, zit er een kleine ruimte tussen beide prints.

Als eerste is er een testprint gemaakt van de vierkantjes op textiel. Dit vierkantje is twee printlagen hoog en heeft daarbij een skirt. Een skirt is een extra rand om het 3D-geprinte object heen, wat op een vaste afstand van het object gelegen is.

In het onderzoek van Maurits gaat het over drie verschillende lagen printen. Bij een tweede test is de hoogte van het ontwerp aangepast, zodat er nu een print ontstaat van één laag. Door de medewerkers van het lectoraat is aangegeven dat zij de skirt om het ontwerp niet mooi vonden. Als gevolg van deze opmerking, is er een ontwerp geprint om aan te tonen dat het ook mogelijk is om een print te maken zonder een skirt.

Om goed op textiel te kunnen printen, moet er getest worden wat de instellingen voor de Z offset moet zijn. Deze instelling bepaalt hoe veel hoger dan normaal de nozzle van het printoppervlak af staat. Normaal betreft deze afstand 0 mm en berekent de software, aan de hand van de layer height, hoe hoog de nozzle van het printoppervlakte afstaat. Als bij de Z offset een getal staat ingevuld, dan staat de telt de printer dit getal op bij de layer height. Deze twee getallen samen vormen de afstand tussen de printkop en het printoppervlak. Om de effecten van verschillende hoogtes van de Z offset te bepalen, zijn er zes testen uitgevoerd. De eerste test heeft een offset van 1.2 mm en bij de laatste test is de Z offset 0.2 mm. Er is telkens een stap van 0.2 mm genomen om dichter op het textiel te komen.

Variërende bij verschillende Z offset instellingen.

Om te achterhalen hoe het object op textiel eruit komt te zien, is er een testprint gemaakt. Het textiel moest vast worden gezet zodat het niet zou verschuiven. Doordat dit nogal lastig vast te zetten was, is het ontwerp niet goed op het textiel gekomen. Het is namelijk wenselijk om een stuk textiel te hebben dat groter is dan het printoppervlak, zodat deze met punaises vastgezet wordt in het hout waarop het printoppervlak bevestigd is.  Hierdoor zijn bepaalde punten van het object verschoven. Daarnaast zit het filament op sommige plekken in het textiel in plaats van erop. Dit betekent dat het printoppervlak niet goed is afgesteld. Hierdoor is de afstand tussen het printoppervlak en de nozzle niet overal gelijk.

Feedback
Om goed te kunnen printen en de gehele printoppervlakte te kunnen gebruiken moet het prinoppervlak eerst geleveld worden. Dit wil zeggen dat de afstand tussen de nozzle en het printbed overal gelijk is.