Voor de eerste was- en buigtest zijn er twee verschillende sample-ontwerpen gemaakt, waarbij er voor zowel de wastest als de buigtest een individueel ontwerp is gemaakt. Dit is gedaan vanwege het feit dat de focus bij de was- en buigtest verschillend is. Bij de buigtest was het van belang om te onderzoeken op welke manier het geprinte materiaal en de draden zouden reageren onder stress. Bij de wastest draaide het erom of de LED-lampjes zouden blijven zitten op het textiel en of ze contact blijven maken. Beide ontwerpen zijn 10 cm lang.


Alle ontwerpen zijn vijf keer geprint, zodat er vijf samples ontstaan. Dit is gedaan om een hogere betrouwbaarheid van de test te krijgen en om eventueel tijd te besparen. Mocht een van de samples van onvoldoende kwaliteit zijn dan zullen er nog altijd vier goede samples over zijn, aangezien er vijf samples tegelijkertijd getest zullen worden. Er heeft een nulmeting plaatsgevonden met een lengte van ongeveer elf centimeter. Deze nulmeting gaf een waarde van 1.7 Ω.







De testen zijn uitgevoerd zoals beschreven staat in test eisen.
Buigtest
Dit heeft de volgende resultaten opgeleverd:
| Sample | Plaatsen | Geprint | Na test 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 |
| 1 | 2,7Ω | 1,7Ω | 1,9Ω | 2,2Ω | 1,8Ω | 1,9Ω | 2Ω | 2,1Ω | 2,1Ω | 1,9Ω | 2,3Ω | 2Ω |
| 2 | 2,3Ω | 1,7Ω | 2,1Ω | 2,1Ω | 2,1Ω | 1,9Ω | 1,7Ω | 1,8Ω | 1,7Ω | 1,7Ω | 2Ω | 2,1Ω |
| 3 | 1,6Ω | 1,7Ω | 1,6Ω | 1,8Ω | 2Ω | 1,8Ω | 1,7Ω | 2Ω | 2,1Ω | 1,7Ω | 1,8Ω | 2,2Ω |
| 4 | 3Ω | 2,1Ω | 1,6Ω | 1,6Ω | 1,7Ω | 1,8Ω | 1,7Ω | 2,1Ω | 1,9Ω | 1,9Ω | 2,1Ω | 2,1Ω |
| 5 | 3Ω | 2,5Ω | 1,8Ω | 1,8Ω | 1,7Ω | 1,7Ω | 1,8Ω | 2Ω | 1,7Ω | 2Ω | 2,4Ω | 2Ω |
In bovenstaande tabel valt op dat de weerstand hoger is na het plaatsen van de draden dan na het printen en buigen. Het kan zijn dat er niet goed gemeten is bij de eerste meting of dat dit een andere oorzaak heeft. De kans is groot dat het een meetfout betreft, aangezien er bij de latere metingen soms ook hogere, en daarmee ongeloofwaardige, waarden naar boven kwamen. Aangezien er opgelet is dat de multimeter goed contact maakt met de garen, zijn de metingen die na het buigen zijn uitgevoerd nauwkeuriger dan de metingen na het plaatsen van de draden.
De weerstandswaarden fluctueren tussen de 1.6 Ω en de 2.4 Ω na de buigcycli. Dit is een verschil van 0.8 Ω, waarbij opvalt dat de weerstand iets omhoog gaat bij alle vijf de samples na de 10.000 buigcycli. Hieruit kan geconcludeerd worden dat het het aantal buigingen van invloed is op de weerstand. Deze invloed is echter slechts minimaal.

Daarnaast zijn de samples ook op het oog beoordeeld. Op den duur werd er in de toplaag van een aantal samples een vouwlijn zichtbaar. Het is niet duidelijk of deze vouwlijn is ontstaan tijdens het buigen of tijdens het steeds opnieuw inklemmen. Het was echter wel evident dat deze vouwlijn alleen in de bovenste laag zat.
Wastest
In overleg is besloten om de wastest slechts één keer uit te voeren. Het aantal wastesten kan een later stadium eventueel worden bijgesteld naar vijf keer.
| Sample | Plaatsen | Geprint | Na test 1 |
| 6 | 1,6Ω/1,6Ω/1,7Ω | 1,7Ω/2,6Ω/1,7Ω | 1,6Ω/1,6Ω/1,7Ω |
| 7 | 2,1Ω/1,7Ω/2,0Ω | 1,7Ω/2,0Ω/1,8Ω | 2,0Ω/1,6Ω/1,6Ω |
| 8 | 2,2Ω/1,7Ω/2,5Ω | 1,6Ω/1,7Ω/1,7Ω | 1,6Ω/1,7Ω/1,7Ω |
| 9 | 1,7Ω/1,8Ω/1,7Ω | 1,7Ω/1,6Ω/1,9Ω | 1,6Ω/1,6Ω/1,6Ω |
| 10 | 1,8Ω/1,7Ω/1,7Ω | 1,8Ω/1,6Ω/1,6Ω | 1,6Ω/1,7Ω/1,7Ω |
Per cel in de kolommen 2, 3 en 4 in de bovenstaande tabel zijn de linker en rechter waarden de weerstandswaarden van de respectievelijk min- en plusdraden. De middelste waarde is de weerstand van de datadraad. Over alle drie de draden zit de weerstand tussen de 1.6 en de 2.5 Ω. Na de wastest zitten de waarden tussen de 1.6 en de 2 Ω. Hieruit is op te maken dat één keer wassen geen invloed heeft op de geleiding. Een kritische kanttekening hierbij is wel dat slechts één keer wassen te weinig is om harde gegevens te verkrijgen. Bij de volgende testen is het dan ook wenselijk om meerdere wastesten uit te voeren.
